Waarom krijgt u deze folder?
U krijgt deze informatie omdat u samen met uw KNO-arts heeft besloten om een lymfeklier of een
cyste in de hals weg te laten halen.
In de hals zitten veel lymfeklieren, aan beide kanten. Deze kunnen om verschillende redenen groter worden, bijvoorbeeld door een ontsteking of virusinfectie. Soms kan een vergrote lymfeklier ook passen bij een kwaadaardige ziekte. |  |
Een
cyste is een niet-
Wat is een halscyste?
Een
cyste is een holte in het lichaam waar vocht in zit. Een laterale hals
cyste ligt aan de zijkant in de hals. De
cyste ontstaat tijdens de ontwikkeling als embryo en kan een lange tijd ongemerkt aanwezig zijn.
Uw KNO-arts heeft met u besproken dat het goed is om een hals (lymfe)klier of
cyste weg te laten halen. Het weggehaalde weefsel wordt onderzocht. Zo kan de arts bepalen wat u heeft.
Hoe gaat de operatie
Tijdens de operatie wordt u in slaap gebracht. De arts haalt daarna de lymfeklier of
cyste weg door een snede te maken in de huid van de hals.
Voordat de arts de wond sluit, plaatst hij soms een wonddrain. Dit is een slangetje dat wondvocht afvoert. Na de operatie mag u meestal dezelfde avond een lichte maaltijd eten. Dit kan anders zijn als uw KNO-arts dat met u heeft afgesproken.
Wat is een wonddrain
Een wonddrain zorgt ervoor dat wondvocht en bloed worden afgevoerd. Zo komt er geen ophoping onder de huid. De drain komt via de huid van de hals naar buiten en blijft meestal één dag zitten.
Wat kunt u aan merken na de operatie?
Na de operatie heeft u meestal weinig klachten. Soms voelt u wat pijn door de wond of door de houding van het hoofd tijdens de operatie.
Een tijdelijk doof of verminderd gevoel in het operatiegebied komt vaker voor dan pijn. Dit ontstaat doordat tijdens de operatie niet altijd alle kleine gevoelszenuwen gespaard kunnen blijven. Dit gevoel neemt in de weken tot maanden na de operatie meestal geleidelijk af en herstelt vaak volledig.
In het wondgebied kan een lichte zwelling ontstaan. Deze verdwijnt meestal binnen enkele weken. Een sterke zwelling kan wijzen op een ontsteking, een bloeduitstorting of een ophoping van wondvocht.
De operatiewond ligt in een natuurlijke huidplooi. Daardoor is het litteken na enkele maanden vaak nog maar weinig zichtbaar.
Bij elke ingreep kunnen helaas complicaties ontstaan. Wanneer er veel bloed via de wonddrain afloopt of het operatiegebied dikker wordt, kan er sprake zijn van een nabloeding. De arts moet de wond dan soms opnieuw onder verdoving/anesthesie openen om een nog bloedend vaatje dicht te maken. De kans hierop is ongeveer 5%. Ook kan het wondgebied ontstoken raken: de wond wordt dan (te) pijnlijk of wordt het na enkele dagen pijnlijk en zwelt op. De huid rond de wond is dan vaak rood. Neem dan contact op met uw KNO-arts. Er kan sprake zijn van een wondinfectie. In sommige gevallen is dan behandeling met antibiotica nodig
Pijnstilling
U mag 4 keer per dag 1000mg paracetamol innemen.
Contact
Als u naar aanleiding van deze folder nog vragen heeft, kunt u deze bespreken met uw kno-arts. Meer informatie over ons ziekenhuis vindt u op de website
www.reinierdegraaf.nl.
Tijdens kantooruren kunt u bellen met Reinier de Graaf Delft 015 - 260 42 42. Buiten kantooruren kunt u bellen met de Spoedeisende Hulp via ons algemene telefoonnummer 015 - 260 30 60